Kroonprins Karim
september 8, 2009, 11:50 am
Gearchiveerd onder: De Groene Amsterdammer, Politiek

Dakar – Onderzoeksjournalist Abdou Latif Coulibaly is er opnieuw in geslaagd om de familie Wade het leven zuur te maken. In 2003 kwam hij al met een onthullend boek over de corruptiepraktijken van president Abdoulaye Wade, in zijn net gepubliceerde laatste werk is zoonlief Karim het lijdend voorwerp. Wade jr., in de media steevast ‘Karim’ genoemd, was vier jaar lang voorzitter van het organisatiecomité van de Islamitische Conferentie die in 2008 in Dakar werd gehouden en ondernam in dat kader grootschalige bouwprojecten in de Senegalese hoofdstad. Dat hierbij het budget flink was overschreden werd al eerder duidelijk, maar Coulibaly maakt nu inzichtelijk waar een deel van dit geld is beland: in de zakken van de organisatoren.

Voor de dynastieke ambities van Wade sr. is het de volgende tegenvaller. Al vanaf zijn aantreden in 2000 probeert de bejaarde president zijn zoon opzichtig klaar te stomen voor zijn opvolging. Voor Karims verrassende benoeming tot voorzitter van het eerdergenoemde organisatiecomité in 2004 was hij al aangesteld als Wades persoonlijke adviseur. Morrende critici gingen zich pas echt nadrukkelijker roeren toen Karim bij de gemeenteraadsverkiezingen in maart dit jaar opeens werd voorgedragen als burgemeester van Dakar, wat na het presidentschap zo’n beetje de belangrijkste functie in het land is. Daar komt bij dat Wade sr. eerder al zijn besluit had teruggedraaid om de presidentiële ambtstermijn te verlagen van zeven naar vijf jaar en zich had laten ontvallen dat hij het presidentschap in 2012 wil overdragen aan iemand ‘die dichtbij hem staat en die hij kan vertrouwen’. (meer…)



Het koninkrijk Touba
augustus 29, 2009, 2:47 am
Gearchiveerd onder: Cultuur, Politiek, Religie

Touba – Het is één van de meest intrigerende scènes uit de documentaire I Bring What I Love over Youssou N’Dour die begin dit jaar in de Nederlandse bioscopen draaide: de vogelvluchtbeelden van een enorme stoet mensen die door een eindeloos lange straat op weg zijn naar een gigantische moskee. Het zijn beelden van de Magal, de pelgrimstocht naar Touba – het Mekka van Senegal – waar miljoenen moslims jaarlijks een eerbetoon brengen aan Cheikh Amadou Bamba Mbacké. Dit was een illuster figuur die in 1883 de in Senegal dominante Mouridische broederschap stichtte en vier jaar later de stad Touba, een plek waar volgens Amadou Bamba het tijdelijke en het eeuwige samen moesten komen. Touba is een succesverhaal geworden, al is dat vooral het werk van Bamba’s nakomelingen die van de stad het bruisende religieuze hart van Senegal hebben gemaakt. Daar staat tegenover dat de islam sinds de onafhankelijkheid in 1960 enorm is gepolitiseerd en Touba allang geen plek meer is voor louter religieuze rust en contemplatie.

Trailer van I Bring What I Love: 

(meer…)



Beffen voor een betere toekomst
augustus 21, 2009, 2:51 pm
Gearchiveerd onder: Cultuur

Banjul – Bakafu Cham, een knappe rastaman van 29 jaar, wil ons (mijn superleuke reispartner en mij) het echte Senegal laten zien. We zijn hem tegengekomen in een minibusje op weg naar Banjul, de hoofdstad van Gambia. Hij is voorkomend en geïnteresseerd, waardoor we besluiten op zijn verzoek in te gaan. Hij leidt ons door de achterbuurten van Banjul, een aangename rustige stad in vergelijking met het hectische Dakar in buurland Senegal. De tocht eindigt op een kleine met golfplaten overspannen binnenplaats waar de meerderheid van de aanwezigen al in een andere wereld bevindt. Een oude man kan amper op zijn benen staan, maar krijgt toch nog een plastic zakje met whiskey, jointjes gaan rond. De reggae die uit de ghettoblaster komt, voorziet de ellende van een onbezorgd jasje. Het is 11 uur in de ochtend.

Bakafu heeft gezelschap gekregen van zijn broer die ongetwijfeld een andere naam heeft dan ‘Peter’, waarmee hij zich voorstelt. Hij laat trots een foto zien van zijn Belgische vriendin, een polaroid met daaronder haar e-mailadres geschreven. Het is een jonge vrouw, misschien is het wel echte liefde denken wij, op de hoogte van de omvangrijke mannenprostitutie in Gambia. We weigeren joints en bier, het is nog koffietijd. Peter haalt twee bekers Nescafé. Bakafu heeft al enkele malen laten weten dat hij belangrijke documenten bij zich heeft en nu haalt hij eindelijk een grote bruine envelop uit zijn plastic zakje. Het eerste dat eruit tevoorschijn komt is een trouwcertificaat uit 2007. We lezen de namen en andere informatie met grote interesse: Bakafu Cham (geboortedatum: 10 juli 1980; beroep: boer) getrouwd met Linda Jane Smith (geboortedatum: 15 januari 1952; beroep: verpleegster). (meer…)



Hendrik Haan
augustus 12, 2009, 7:49 pm
Gearchiveerd onder: Algemeen

Vorige week donderdagnacht voltrok zich een kleine ramp in een slaapappartement in Bakau, Gambia. Als hadden komt is hebben te laat zeggen ze in Drenthe en dat gaat zeker op voor wat er die nacht gebeurde. Als er om twaalf uur gewoon water uit de kraan was gekomen hadden we die bijvoorbeeld nooit open laten staan. Ook hadden we dan gezien dat de stop in het afvoerputje zat. Als we de ventilator niet zo knallend hard hadden staan waren we vast eerder dan vijf uur ‘s ochtends wakker geworden. Als de Gambiaanse bouwvakkers iets meer kennis van zaken hadden gehad was het water weggelopen in het doucheputje en was het niet naar de woonkamer gestroomd. Als we niet zo nodig een muziekje hadden willen luisteren tijdens het Monopoly’en had de laptop niet op de grond in de woonkamer gestaan, maar veilig in de tas in de slaapkamer. O ja, als ik alleen maar een back-up had gemaakt, dan had ik nu nog al mijn stukjes gehad om op de blog te posten, dan had ik nu nog alle foto’s van de reis. 

Terwijl alle straten onderlopen dankzij het regenseiwoen zelf je eigen hut onder water zetten heeft iets hilarisch natuurlijk. Gevolg is wel dat ik pas volgende week, terug in Nederland, met terugwerkende kracht nog wat verhalen zal proberen te restaureren: onder andere over mannelijke hoeren in Gambia en spirituele verkrachting in Touba.



Tegennatuurlijke daden
augustus 6, 2009, 1:58 pm
Gearchiveerd onder: Cultuur, De Groene Amsterdammer

‘Zedenloosheid in de religieuze stad’. De kop staat op de voorpagina van de krant Le Populaire boven een schimmige foto waarop twee mannensilhouetten op het punt staan elkaar te kussen. Net als in 38 andere Afrikaanse landen is homoseksualiteit in Senegal strafbaar en dankzij een oplettende inwoner van de heilige stad Darou Mouhty – een religieus centrum van de islamitische Mouridische broederschap – lopen er weer vijf ‘geperverteerden’ minder op straat. Volgens de krant zijn de inwoners van Darou Mouhty geschokt ‘dat er zich onder hen mensen bevinden die zich overgeven aan hun perfide afwijking’. De journalist zelf spreekt over ‘actes contre nature’ en noemt de opgepakte mannen ‘schelmen’.

Het is niet de eerste keer dat de pers in Senegal zich rond een zaak met homoseksuelen van zijn minst objectieve kant laat zien. In december 2008 werden negen mannen opgepakt op verdenking van ‘onfatsoenlijk en onnatuurlijk gedrag’ en ‘lidmaatschap van een criminele organisatie’. Voor deze twee overtredingen kregen zij in eerste instantie de maximumstraf van 8 jaar cel. Gebrek aan bewijs leidde in april tot vrijlating. Sommige media waren hier niet over te spreken, de negen mannen werden ‘aidsverspreiders’ genoemd en op de radio werd opgeroepen hen ‘en iedere andere mogelijke homoseksueel’ aan te vallen en met stenen te bekogelen. (meer…)



Jean-Pierre
juli 31, 2009, 1:14 am
Gearchiveerd onder: Algemeen, Muziek

St. Louis – Op een kruk in een bar in St. Louis deelt een man ritmische tikken uit, zijn voet bepaalt de maat. Een bril balanceert op het puntje van zijn neus, over het montuur heen glinsteren twee donkere zelfverzekerde ogen. Zijn hemd is droog, ondanks de inspanningen en de hitte. Om hem heen staan Fadel (toetsen), Xalam (gitaar) en Abdoulaye (bas), alle drie Senegalees en zwart. Dit is swingende afro-jazz met een toubab achter het drumstel.

De toubab heet Jean-Pierre. Zijn haar is wat dunner, zijn huid wat slapper, maar hij is nog altijd herkenbaar als de avonturier die dertig jaar geleden neerstreek in St. Louis. De romantiek van het jazz-stadje moet hem over de streep hebben getrokken. Nergens in Senegal is de koloniale tijd nog zo zichtbaar als in St. Louis. Zanderige, uitgestorven straatjes leiden langs kolossale negentiende-eeuwse huizen met gietijzeren balkons. De klapperende luiken geven het geheel een waar Wild-Westgevoel. Sommige huizen zijn gerestaureerd, maar de meeste zijn vervallen of staan op het punt om in te storten. Jean-Pierre wist dat hij hier zou vinden wat hij zocht: hier werd muziek gemaakt, hier werd geleefd. Hij leerde Wolof, leerde drummen en trouwde een Senegalese vrouw. (meer…)



Bioscopeloos
juli 21, 2009, 7:41 pm
Gearchiveerd onder: Cultuur, Dakar, Kunst, Politiek

Dakar – ‘De bioscoop? Ben je gek, weet je hoe vies en gevaarlijk het daar is?’. Volgens mijn vriend Abda gaat vrijwel niemand meer naar de bioscoop in Dakar. Er zijn er ook niet zoveel. Dakar telt zo’n vier tot vijf bioscopen die dat predicaat nauwelijks waard zijn. Omdat nieuwe films te duur zijn, draaien de bioscopen oude Bollywoodfilms, of vechtfilms met Jackie Chan. In bioscoop Fox kun je zelfs porno kijken. (meer…)



Fouta Rap
juli 16, 2009, 5:45 pm
Gearchiveerd onder: Cultuur, Fouta Toro, Muziek
Deel 5 (slot) van het verslag van de reis naar Fouta Toro

Ogenschijnlijk is er nog niets aan de hand in het dorpje Mboumba. Het is een sfeervol labyrint van zandweggetjes en woonerven waar de wekelijkse markt druk wordt bezocht. Maar zoals ik heb geprobeerd te beschrijven is er wel degelijk een revolutie gaande. Wie goed kijkt ziet dat op de woonerven vooral kinderen, vrouwen en oude mannen wonen, een generatie jonge mannen ontbreekt en heeft het dorp in de bloei van hun leven verlaten voor een ander bestaan in de stad of in het buitenland. Soms vertrekken ze om het financieel beter te krijgen, soms om te ontkomen aan de lange bevoogdende tentakels van hun ouders en/of een onderdrukkend kastensysteem. Veel jonge moeders laten hun dochter niet meer besnijden en verzetten zich tegen het gearrangeerde huwelijk, sommige vrouwen eisen hun onafhankelijkheid op en verlaten eveneens hun dorp voor een zelfstandig bestaan elders. Op deze manier verliezen de dorpen van Fouta Toro langzaam hun traditionele vorm.

Daar staat tegenover dat de band met het gebied en de Halpularese cultuur immens blijft. Geen zoon of dochter zal zich niet af en toe op zijn geboortegrond laten zien. Nog weinig jongeren durven openlijk met de tradities te breken, de meeste huwelijken vinden nog steeds plaats tussen Halpulaar en zelfs binnen de kaste en dezelfde familie. Daarbij, de revolutie houdt vooralsnog de religie buiten schot.  Dat wordt ook geïllustreerd door de onderstaande rap van Thierry Ndiaye, die zichzelf beschrijft als ‘een beetje een revolutionair’. Geen bitches, ho’s, weed, fantasy cars etcetera, maar een stichtelijke rap  in de traditie van de Nederlandse domineespoëzie. De vertaalde tekst staat onder het filmpje.

(meer…)



Vrouwenbesnijdenis, gedwongen huwelijk en opstandige jongeren
juli 14, 2009, 2:40 pm
Gearchiveerd onder: Cultuur, Fouta Toro, Geschiedenis

Deel 4 van het verslag van de reis naar Fouta Toro

Toen Binta Thiam negentien jaar oud was had ze al drie huwelijkskandidaten afgewezen. Haar moeder was haar eigenwijze gedrag meer dan zat en ging zelf op zoek naar een geschikte gegadigde voor haar dochter. Die vond ze in het nabijgelegen dorp Pete in de persoon van Abou, een baylo (edelsmid) uit dezelfde kaste. Binta had hem nog nooit gezien, maar er zat dit keer niets anders op dan het aanzoek te accepteren. Het was geen nare man, maar ze zou hem resoluut geweigerd hebben als ze de keuze had. Omdat ze die niet had volgde na een korte verlovingsperiode een huwelijk. Volgens goed gebruik kreeg het paar vervolgens snel een kind, zoon Abdoulaye. Na de geboorte van Abdoulaye vertrok haar man naar Dakar, omdat hij in Pete niet genoeg verdiende. Het werd de achtergebleven Binta nooit duidelijk of hij in Dakar nu wel of geen werk had gevonden, maar geld ontving zij nooit. Dit was niet de voornaamste reden dat Binta na vijf jaar een punt achter het huwelijk wilde zetten, maar ze kon het argument dat hij zijn verantwoordelijkheden niet nakwam goed gebruiken. Hij protesteerde, want voor hem betekende een scheiding gezichtsverlies. Uiteindelijk wist Binta haar schoonvader te overtuigen dat de een scheiding noodzakelijk was. Hij sprak met zijn zoon, die Binta’s besluit schoorvoetend accepteerde. Het mondeling gesloten huwelijk werd ook weer mondeling ontbonden.  

‘Nu wil hij mij terug, maar fini est fini’, zegt de 27-jarige Binta die inmiddels twee jaar gescheiden is en met Abdoulaye in Mboumba bij haar ouders woont. ‘Weet je, deze problemen worden veroorzaakt omdat we leven in een cultuur die wordt gedomineerd door ouderen. Zij hebben teveel macht. Je hele leven lang moet je verantwoording afleggen aan je ouders, zij bepalen voor een groot deel hoe je leven eruit ziet. Ik vind dat je iemand goed moet leren kennen voordat je trouwt, maar hier is het helaas andersom. Als je al een vriendje mag hebben, maken ouders het je onmogelijk om hem goed te leren kennen. Je mag een beetje met elkaar praten in een aparte kamer, maar ’s avonds moet je weer naar huis. Ze laten ons geen ruimte om te doen wat we willen’. (meer…)



12 kasten, 13 ongelukken
juli 12, 2009, 4:06 pm
Gearchiveerd onder: Cultuur, Fouta Toro, Geschiedenis

Deel 3 van het verslag van de reis naar Fouta Toro

Sinds maart van dit jaar heeft Mboumba een democratisch gekozen burgemeester, Sadel Ndiaye. Sadel is in Mboumba geboren en heeft er ook een huis, maar hij woont voornamelijk in Dakar waar hij carrière heeft gemaakt als advocaat. Hij rijdt een Volkswagen Touareq en woont in de villawijk Les Almadies. Een succesvol man is burgemeester geworden van zijn geboortedorp. Niets bijzonders zo lijkt het.

Toch wel. Sadel is maccudo en binnen het traditionele kastenstelsel van de Halpulaar is de maccudo het equivalent van de Indiase onaanraakbare. In de bus op weg naar Fouta had ik Abda gevraagd het kastenstelsel uit te leggen. Zonder na te denken tekende hij een ladder met twaalf sporten. Bovenaan de torodos, de koningen, daaronder hun raadgevers de jawandos, daarna negen categorieën van ‘vrije luiden’: ambachtslieden (zoals houtbewerkers, edelsmeden, pottenbakkers), vissers en lofzangers (griots). Daaronder zette Abda een dikke streep om het fundamentele onderscheid tussen de maccudo en de rest aan te duiden. ‘Esclaves’ schijft hij erachter. De burgemeester van Mboumba is een slaaf. (meer…)




Follow

Get every new post delivered to your Inbox.