De inmiddels overleden Ousmane Sembène (1923-2007) was één van Senegals bekendste en meest veelzijdige kunstenaars. Hij was de eerste Afrikaanse regisseur beneden de Sahara die het voor elkaar kreeg een speelfilm te maken (1966, Le noir de…) en schreef daarvoor al enkele, in de Franstalige wereld als invloedrijke meesterwerken erkende boeken. Sembène was een autodidact, die op dertienjarige leeftijd de Franse school moest verlaten omdat hij zijn leraar na een afranseling had teruggeslagen. Deze opstandige houding is terug te vinden in zijn boeken en films, waarin het niet zelden de machthebbers zijn die het moeten ontgelden. In zijn vroege werk zijn dit de koloniale overheersers en hun collaborateurs, na de onafhankelijkheid richt hij zich tegen de corrupte Afrikaanse elite.
Enkele van zijn boeken zijn ook in het Nederlands vertaald, waaronder zijn magnum opus De houtjes van God (Bamty mam Yalla in Wolof; Les bouts de bois de Dieu in het Frans) uit 1960. Het is de literaire weergave van de grote spoorwegstaking in Frans West-Afrika van 1947-‘48. Deze staking, die het vuur van de ‘Rook van Savanna’ – de trein tussen Dakar en Niger – maandenlang gedoofd hield, wordt beschouwd als een belangrijke gebeurtenis in de geschiedenis van de Afrikaanse onafhankelijkheidsstrijd.
In deze ingenieuze mozaïekvertelling beschrijft Sembène de bevrijdende werking die deze staking had op de Afrikaanse psyche. Het neerleggen van het werk betekende een breuk met de serviele houding die door de kolonisten was afgedwongen en die uiteindelijk zelfs door veel Afrikanen in stand werd gehouden. Sembène toont de complexiteit van de staking door zijn beschrijvingen van de verschillende betrokken groepen in drie West-Afrikaanse steden: Dakar en Thiès (in het huidige Senegal) en Bamako (nu de hoofdstad van Mali, toen van Frans-Soedan). De ontberingen die de staking teweegbracht waren gigantisch. De Franse machthebbers probeerden de bevolking uit te hongeren en constant dreigde het gevaar dat een deel van de stakers weer aan het werk ging.
Wat het boek zo meesterlijk maakt, is de manier waarop Sembène het gebrek aan een hoofdpersoon heeft opgelost. Hij weet in de ruim driehonderd bladzijden die het boek telt, alle personages een eigen stem te geven en te voorzien van een overtuigende persoonsomschrijving. Zo passeert de lezer de westers geschoolde stakingsleider Babayoko, een illuster figuur waar iedereen over spreekt, maar die pas op driekwart van het boek ook daadwerkelijk verschijnt; Daouda, bijgenaamd ‘Mooie Jongen’, die zijn jaloezie ten opzichte van de charismatische Babayoko maar niet te baas kan; Fa Keïta, ‘De Oude’, de oudste spoorwegarbeider die de mislukte staking van 1938 nog meemaakte en deze nieuwe staking met tegenzin beziet, tot hij wordt opgepakt en mishandeld in een gevangenkamp; Tiémoko, die gefrustreerd door zijn retorische onvermogen Babayoko’s advies opvolgt en verwoed boeken begint te lezen. Dan zijn er de toebabs, de blanken, die ook weer in een schitterende verscheidenheid worden beschreven, van de zuiver racistische directeur Dejean, tot de nieuwkomer Pierrot, die met zijn oprechte nieuwsgierigheid naar de Afrikaanse gebruiken de wrevel wekt van de oudere koloniale garde. Zij en nog zo’n vijftigtal andere personages krijgen allen een gezicht helder als glas.
Maar wat het boek echt bijzonder en baanbrekend maakt is de rol die is weggelegd voor de vrouwen. Sembène besteedt, opnieuw in al zijn verscheidenheid, aandacht aan de rol van de vrouwen voor wie deze staking ook een bevrijdend effect had. In hun steun aan de mannen ontdekken ze hun eigen kracht, die uiteindelijk tot uiting komt in een lange mars van Thiès naar Dakar. De onafhankelijkheid van deze nieuwe vrouwen komt het best naar voren in Penda, een vrouw van lichte zeden over wie wordt geroddeld, maar die tegelijk de meest onafhankelijke en dappere is. Het is fascinerend dat Sembène erin is geslaagd een belevingswereld die hem toch voor een deel vreemd zal zijn geweest zo gedetailleerd weer te geven. De vrouwen staan eerst achter hun mannen, maar uiteindelijk strijden ze zij aan zij, of misschien zelfs als voor de mannen uit. Dit fragment uit een brief die stakingsleider Lahbib aan Babayoko schrijft aan het einde van het boek is tekenend
Bij hun terugkeer zijn de marcheersters heel goed ontvangen, maar de mannen hebben wel moeite om hen te temmen. Ook mij kwamen ze in het begin als leeuwinnen belagen, zij wilden overal commanderen! Maar alles gaat nu weer zijn gewone gang, de kinderen zijn nog niet terug en de vrouwen trekken elke dag naar het meer. Toch zullen wij in de toekomst rekening met hen moeten houden.
Naast de fascinerende inkijk in het leven van de Afrikanen onder koloniaal bewind is het boek ook de moeite waard vanwege Sembènes stijl. Hij beheerst verschillende sociolecten, zodat een begaafd spreker bij hem ook echt een begaafd spreker is en de stuntel een stuntel. Mooi zijn ook de plaatsgebonden metaforen:
Hoedia M’Baye sloeg met de armen alsof zij zich aan de lucht wilde vastklampen, zoals de drenkelingen doen, toen grepen haar handen naar haar hemd dat zij openscheurde en zij viel op haar zij, ontbloot, de magere borsten als kalebassen die in de zon zijn vergeten in het hete seizoen.
Als hij liep, hing zijn hoofd als een te zware vrucht naar beneden.
Het was het verslagen zwijgen van iemand die door het lot te snel aan het hoofd van de kudde is geplaatst om haar naar nieuwe weidegronden voor te gaan.
Aan het hoofd van de stoet kwamen Mariame Sonko, met de blinde Maïmoena aan haar arm, de dikke Awa, Seni en de lachlustige Aby, die haar als groene mangavruchten zo stevige jonge borsten spande.
Opeens, misschien wel voor het eerst in zijn leven, overviel hem de wanhoop, zoals een sperwer neerslaat op zijn prooi.
De houtjes van God (de titel slaat op het bijgeloof dat het direct tellen van mensen ongeluk brengt, daarom wordt er niet over personen maar over ‘houtjes van God’ gesproken) is alleen nog tweedehands te krijgen in het Nederlands, maar eenvoudig te verkrijgen in het Engels (God’s Bits of Wood) en Frans.
1 reactie tot nu toe
Plaats een reactie
Je maakt me enthousiast om dit boek te lezen. Ik ga op zoek om het te zoeken hopelijk in het nederlands.
Reactie door Marga mei 29, 2009 @ 6:17 pm