Jean-Pierre
juli 31, 2009, 1:14 am
Gearchiveerd onder: Algemeen, Muziek

St. Louis – Op een kruk in een bar in St. Louis deelt een man ritmische tikken uit, zijn voet bepaalt de maat. Een bril balanceert op het puntje van zijn neus, over het montuur heen glinsteren twee donkere zelfverzekerde ogen. Zijn hemd is droog, ondanks de inspanningen en de hitte. Om hem heen staan Fadel (toetsen), Xalam (gitaar) en Abdoulaye (bas), alle drie Senegalees en zwart. Dit is swingende afro-jazz met een toubab achter het drumstel.

De toubab heet Jean-Pierre. Zijn haar is wat dunner, zijn huid wat slapper, maar hij is nog altijd herkenbaar als de avonturier die dertig jaar geleden neerstreek in St. Louis. De romantiek van het jazz-stadje moet hem over de streep hebben getrokken. Nergens in Senegal is de koloniale tijd nog zo zichtbaar als in St. Louis. Zanderige, uitgestorven straatjes leiden langs kolossale negentiende-eeuwse huizen met gietijzeren balkons. De klapperende luiken geven het geheel een waar Wild-Westgevoel. Sommige huizen zijn gerestaureerd, maar de meeste zijn vervallen of staan op het punt om in te storten. Jean-Pierre wist dat hij hier zou vinden wat hij zocht: hier werd muziek gemaakt, hier werd geleefd. Hij leerde Wolof, leerde drummen en trouwde een Senegalese vrouw.  

Tot halverwege de show is de blik van Jean-Pierre strak, hij lijkt zich niet helemaal te kunnen ontspannen. Dan komt een stoet blanken het jazzcafeetje binnengelopen om plaats te nemen aan een grote vrijgehouden tafel.

Als eerste is daar François, de jongere broer van Jean-Pierre, al vaker op bezoek geweest, altijd joviaal. Hij maakt wat ondefinieerbare, maar onmiskenbaar vriendelijk bedoelde gebaren naar zijn oudere broer. Die lacht. Er volgt een groepje met vrouwen die allemaal vriendelijk knikken naar de drummer die opnieuw lacht. Maar bij de laatste drie van de rij verstart hij. Het is Rénard, zijn oudste broer, met vrouw en kind. Je kan proberen het verleden achter je te laten, maar het zal je altijd blijven achtervolgen

Ooit vertrok Jena-Pierre uit Ampus, een klein Frans dorpje in de Provence, om te ontsnappen aan de kleinburgerlijkheid, nu komt die hem in levende lijve opzoeken. Rénard heeft geen moeite gedaan om zich kosmopolitisch te kleden voor zijn eerste bezoek aan zijn broer. Een keuterboertje: geblokt hemd, korte broek boven de knieën, sokken in sandalen, één en al ongemak met deze vreemde cultuur. Wat doet zijn broer in vredesnaam tussen die drie negers? Zijn vrouw Marie-Louise heeft een tijdloos kapsel in de zin dat het in geen enkel tijdperk hip is geweest, dito kleding, verdwaald in Afrika. Daarachter hun zoon Jeremie, ook geen toekomstig man van de wereld, moest mee van zijn ouders, want is nog te jong om thuis te blijven. Hij weet werkelijk niet wat hem overkomt, nog nooit een zwarte gezien in zijn leven, behalve dan in dat ene computerspel, zijn ogen staan wijd opengesperd van schrik en verbazing over het bestaan van een wereld als deze.  

Waren we maar nooit gegaan. Waren ze maar nooit gekomen. De blikken van Jean-Pierre en Rénard kruisen elkaar. Nooit zullen ze elkaar begrijpen, en ze weten het.


1 reactie tot nu toe
Plaats een reactie

Grappig verhaal en wat jammer voor die Fransen. Want het is het beste dat je jezelf kunt geven: zo’n heel andere wereld leren kennen en erin meegaan.
Dank weer Tom!

Reactie door Els




Geef een reactie

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log Out / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log Out / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log Out / Bijwerken )

Verbinden met %s



Follow

Get every new post delivered to your Inbox.